De Mortel Compagnie maakt deze putkalk niet als algemene kalkpasta voor iedere denkbare toepassing. Wij produceren deze kalk specifiek als bindmiddel voor traditionele kalkmortels.
De basis bestaat uit geselecteerde, traditioneel houtgebrande kalkbrokken uit MorΓ³n de la Frontera. In Nederland blust, rijpt en conditioneert De Mortel Compagnie de kalk zelf.
Daardoor kunnen we het materiaal afstemmen op het gebruik waarvoor wij het zelf ook toepassen: historische metsel-, voeg- en pleistermortels voor restauratiewerk in Nederland en BelgiΓ«.
Niet alleen geselecteerd, maar door De Mortel Compagnie zelf geblust, geconditioneerd en toegepast.
Geleverd op gebruiksconsistentie
Niet ieder kalkdeeg bevat per liter dezelfde hoeveelheid kalk en water. Daarom leveren wij DMC Putkalk niet simpelweg op basis van leeftijd of inhoud van de emmer, maar op een bewust gekozen gebruiksconsistentie.
Bij levering heeft het kalkdeeg een massa van minimaal 1.350 gram per liter. Het materiaal is voldoende geconcentreerd en gerijpt om rechtstreeks met geschikt zand te worden gemengd tot bijvoorbeeld een traditionele voegmortel.
Vraagt de toepassing om een soepelere of nattere mortel, dan kunt u de consistentie gericht aanpassen met kalksinterwater.
Waarom kalksinterwater gebruiken?
Voor metselmortels en bepaalde pleisterlagen is vaak een iets soepelere mortel gewenst dan voor voegwerk. Gebruik hiervoor bij voorkeur kalksinterwater in plaats van de mortel direct met gewoon leidingwater te verdunnen.
Kalksinterwater is het heldere, kalkrijke water dat bij het rijpen en conditioneren van kalkdeeg ontstaat. Hiermee kunt u de verwerking van de mortel aanpassen terwijl het materiaal binnen hetzelfde kalksysteem blijft.
De benodigde hoeveelheid hangt af van het zand, de toepassing en de gewenste consistentie.
Traditioneel houtgebrand β en dat mag zichtbaar blijven
Traditioneel houtbranden levert van nature een ander materiaal op dan een volledig uniform industrieel brandproces. De temperatuurverdeling in een traditionele kalkoven is minder absoluut gelijkmatig. Daardoor kunnen kleine natuurlijke restfracties en onvolledig doorgebrande kalksteeninsluitingen ontstaan.
Bij deze mortelkalk zeven we zulke kleine natuurlijke onregelmatigheden bewust niet volledig uit. Daardoor behoudt het kalkdeeg en later ook de mortel een meer natuurlijke en heterogene structuur.
Waar moderne kalk vaak zo uniform mogelijk wordt gemaakt, mag deze putkalk nog iets laten zien van het traditionele brandproces.
Juist zulke kleine kalk- en steenachtige insluitingen komen ook in veel historische kalkmortels voor.
Geen productiefout maar materiaalkarakter
Een kleine steenachtige of kalkrijke insluiting betekent bij deze putkalk niet automatisch dat het materiaal onjuist is geproduceerd. Het is belangrijk onderscheid te maken tussen natuurlijke restfracties uit het traditionele brandproces en actief ongebluste kalk. De Mortel Compagnie blust de kalk zelf en laat haar minimaal drie maanden rijpen en conditioneren voordat we het materiaal verkopen of verder verwerken.
Het heterogene karakter vormt bij deze mortelkalk bewust onderdeel van de materiaalkeuze.
Waarom niet volledig fijn zeven?
Voor kalkverf, fresco, marmorino of zeer fijn decoratief stucco is een extreem fijn en homogeen kalkdeeg gewenst.
Voor historische mortels ligt dat anders. Daar willen we niet noodzakelijk ieder spoor van het traditionele grondstof- en brandproces uit het bindmiddel verwijderen. Daarom blijft deze DMC Putkalk voor Kalkmortel bewust robuuster van karakter.
Voor fijnere kalktechnieken produceren en leveren we andere kalkdegen.
Voor voegmortel
De geleverde gebruiksconsistentie is specifiek geschikt om met passend zand direct een traditionele kalkvoegmortel samen te stellen. De uiteindelijke mortel hangt niet alleen van het bindmiddel af, maar ook van onder andere:
zandsoort Β· korrelverdeling Β· bindmiddelgehalte Β· voegdiepte Β· steen Β· zuiging Β· blootstelling aan weer en vocht
Bij historisch voegwerk kijken we daarom bij voorkeur eerst naar het bestaande werk voordat we een receptuur vaststellen.
Voor metselmortel
Voor metselwerk is doorgaans een soepelere mortel gewenst dan voor voegwerk.
Meng de putkalk met geschikt zand en breng de mortel vervolgens met kalksinterwater op de gewenste verwerkingsconsistentie.
Zo kunt u de mortel afstemmen op de steen, het metseltempo en de zuiging van het bestaande werk.
Voor raap- en pleisterlagen
Ook voor bepaalde traditionele raap- en pleistermortels kunt u deze putkalk gebruiken. De geschiktheid hangt af van de gewenste laagdikte, de korrelopbouw van het zand, de ondergrond en de blootstelling.
Voor zeer fijne afwerkpleisters of decoratieve technieken adviseren we een fijner kalkdeeg.
Dezelfde kalk in onze eigen mortels
We verkopen deze putkalk niet alleen als losse grondstof.
De Mortel Compagnie gebruikt dezelfde handgebluste en geconditioneerde kalk ook als bindmiddel voor een deel van onze eigen kalkmortels.
Daarbij combineren we de kalk met zorgvuldig geselecteerde rivierzanden en andere minerale aggregaten, afhankelijk van toepassing en gewenste morteleigenschappen.
We kennen het materiaal daardoor niet alleen vanuit de emmer, maar ook vanuit mortelproductie en restauratiepraktijk.
Van gebrande kalk tot restauratiemortel: één doorlopende materiaalketen.
Waarom minimaal 3 maanden gerijpt?
Voor mortel is extreem lang gerijpt kalkdeeg niet automatisch beter. We laten deze putkalk minimaal 3 maanden rijpen en conditioneren voordat we haar leveren. Voor morteltoepassingen kijken we daarbij niet alleen naar ouderdom, maar vooral naar consistentie, concentratie en praktische verwerking.
Voor fijnere kalktechnieken waarbij een verder ontwikkeld kalkdeeg gewenst is, produceren we daarnaast De Mortel Compagnie Lang Gerijpt Kalkdeeg.
Putkalk voor mortel of lang gerijpt DMC-kalkdeeg?
| DMC Putkalk voor Kalkmortel | DMC Lang Gerijpt Kalkdeeg | |
|---|---|---|
| Grondstof | houtgebrande kalkbrokken uit MorΓ³n | gemicroniseerde houtgebrande kalk uit MorΓ³n |
| Blussen | door De Mortel Compagnie | door De Mortel Compagnie |
| Rijping | minimaal 3 maanden | minimaal 12 maanden |
| Karakter | robuuster en heterogener | fijner en homogener |
| Concentratie | min. 1.350 g/L | productspecifiek |
| Hoofdtoepassing | historische kalkmortels | fijne en specialistische kalktoepassingen |
De ene uitvoering is niet beter dan de andere. We produceren beide kalkdegen bewust voor verschillende toepassingen.
Verharding door carbonatatie
DMC Putkalk is een luchtkalk.
Na verwerking reageert calciumhydroxide met koolstofdioxide uit de lucht en ontstaat opnieuw calciumcarbonaat. Dit proces heet carbonatatie.
Een luchtkalkmortel vraagt daarom om passende verwerking en nabehandeling. Bescherm vers kalkwerk tegen te snelle uitdroging, harde wind, directe zon, vorst en extreme weersomstandigheden.
Kan ik DMC Putkalk hydraulischer maken met een puzzolaan?
Ja. DMC Putkalk is van zichzelf een luchtkalk en verhardt hoofdzakelijk door carbonatatie. Wanneer de mortel daarnaast hydraulische eigenschappen nodig heeft, kunt u afhankelijk van de toepassing een geschikte puzzolaan toevoegen.
Denk bijvoorbeeld aan tras, gebrande klei, metakaolien of een andere historisch of technisch passende puzzolaan. De puzzolaan reageert met de vrije kalk in het bindmiddel en geeft de mortel daarmee aanvullende hydraulische eigenschappen. Welke puzzolaan en dosering geschikt zijn, hangt af van de oorspronkelijke mortel, toepassing, vochtbelasting, steen en gewenste eigenschappen.
Bij restauratie voegen we niet automatisch puzzolaan toe. Eerst bepalen we of hydraulische werking historisch en technisch bij het bestaande werk past.
Voor historische mortels kan een combinatie van luchtkalk en puzzolaan in sommige gevallen beter aansluiten op het oorspronkelijke bindmiddel dan automatisch kiezen voor een moderne NHL.
Welke mengverhouding gebruik ik?
We adviseren bewust geen universele volumeverhouding voor iedere mortel. Het volumegewicht van zowel kalkdeeg als zand kan sterk verschillen. Onze DMC Putkalk heeft bij levering een massa van minimaal 1.350 g/L, terwijl een ander kalkdeeg aanzienlijk natter kan zijn. Ook zand verschilt sterk in dichtheid, korrelvorm en korrelverdeling.
Daarom kan bijvoorbeeld β1 deel kalk op 3 delen zandβ met verschillende grondstoffen tot duidelijk verschillende mortels leiden.
Bij restauratiewerk kijken we daarom liever naar:
massa Β· korrelopbouw Β· toepassing Β· bestaand werk Β· gewenste morteleigenschappen
dan uitsluitend naar losse volumematen.
In één oogopslag
| Eigenschap | DMC Putkalk voor Kalkmortel |
|---|---|
| Type | putkalk / kalkdeeg / luchtkalk |
| Hoofdtoepassing | historische kalkmortel |
| Grondstof | traditioneel houtgebrande kalkbrokken uit MorΓ³n |
| Blussen | door De Mortel Compagnie zelf |
| Rijping | minimaal 3 maanden |
| Leveringsconsistentie | gebruiksklaar als mortelbindmiddel |
| Concentratie | minimaal 1.350 g/L |
| Zeving | bewust niet volledig fijn gezeefd |
| Karakter | natuurlijk heterogeen |
| Verharding | carbonatatie |
| Toepassingen | voeg-, metsel-, raap- en restauratiemortels |
| Aanpassen consistentie | met kalksinterwater |
| Hydraulisch aanpasbaar | met passende puzzolaan |
| Productie | Nederland |
| Producent | De Mortel Compagnie |
Kalkshop tip: Kijk ook eens naar de kalkcycles of kalkcirkel waarin het proces van kalk delven tot het verstenen van de kalk wordt uitgebeeld.









